Voormalig GLIS-directeur Glenda Heikerk reageert tegenover De Snelle Pen op berichten over een vermeende verduistering van een dienstauto en zegt dat zij verbaasd is over de beschuldiging. Volgens haar is de situatie anders dan wordt voorgesteld en is zij bezig te bekijken welke juridische stappen zij kan ondernemen. Heikerk legt uit dat zij eerder problemen heeft gehad rondom haar dienstverband. Zij stelt dat haar salaris niet werd uitbetaald, omdat bij het ministerie van Arbeid een ontslagverzoek was ingediend. Dat verzoek zou zijn afgewezen. “Ik ben toen naar de rechter gestapt. Ik heb gevraagd naar mijn loon en een vergoeding. De rechter heeft bevestigd dat mijn loon moest worden doorbetaald. Het ging daarbij om een spoedeisende zaak.” Volgens Heikerk betekent de uitspraak niet dat zij in alle opzichten juridisch is vrijgesproken, maar dat de rechter heeft bevestigd dat haar loonbetaling moest worden voortgezet.
Beschuldiging
Over de beschuldiging dat zij een auto zou hebben verduisterd, zegt Heikerk: “Ik ben daar heel erg verbaasd over. Ik ben nu aan het kijken welke noodzakelijke juridische stappen ik kan ondernemen, omdat dit schadelijk is voor mijn naam.” Heikerk benadrukt dat haar positie als bestuurder en haar arbeidsovereenkomst twee verschillende zaken zijn. “Ook als je bestuursrechtelijk wordt ontslagen, betekent dat niet automatisch dat je civielrechtelijke arbeidsovereenkomst is beëindigd. De afspraken uit die overeenkomst moeten worden nagekomen.” Volgens haar is zij nog steeds in dienst en lopen haar primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden door.
Op naam GLIS
Over het voertuig zegt Heikerk dat het gaat om een auto die haar tijdens haar werkzaamheden ter beschikking is gesteld.
“Die auto is van de organisatie. Het voertuig stond niet op mijn naam. Ik vraag mij dus af hoe ik een auto zou hebben verduisterd.”
Zij legt uit dat de auto al was afgeschreven en dat er een mogelijkheid bestond om gebruik te maken van een aankoopregeling wanneer een arbeidsovereenkomst wordt beëindigd.
Volgens haar heeft zij daar bewust geen gebruik van gemaakt. “Toen ik thuis werd gezet, mocht ik de ter beschikking gestelde middelen behouden omdat mijn arbeidsovereenkomst nog liep. Maar de wagen is niet mijn eigendom.” Op de vraag waar het voertuig zich bevindt, antwoordt Heikerk dat de auto nog steeds in haar bezit is, omdat deze destijds aan haar ter beschikking was gesteld. Heikerk geeft aan dat zij de verantwoordelijke instanties wil aanschrijven om de situatie te laten herstellen. “Ik vind het onacceptabel dat mijn naam op deze manier wordt geschaad. Ik heb geen auto verduisterd en ik ben nog steeds in dienst.” Zij zegt dat zij juridische stappen zal bekijken om ervoor te zorgen dat de beschuldiging wordt rechtgezet.