William Spalburg (81) is machteloos en radeloos. Een rechtszaak met een vonnis en een veroordeling, brieven aan de procureur-generaal en de minister van Justitie en Politie. De politie, de verzekering en het Waarborgfonds plat gelopen: geen van deze instanties heeft hem tot nu toe kunnen helpen. De schade die Spalburg opliep na een aanrijding veroorzaakt door Tahira Starke is inmiddels opgelopen tot SRD 139.000. De veroorzaker is intussen verstek veroordeeld, maar is nergens te vinden.
Aanrijding
Op 29 april 2024 werd Spalburg op de hoek van de Zwartenhovenbrugstraat en de Keizerstraat aangereden door Starke. De schade was aanzienlijk. De politie werd ter plaatse geroepen, maar op dat moment was niet duidelijk dat de bestuurster niet verzekerd was. Pas toen Spalburg de schade wilde claimen, kreeg hij te horen dat de verzekering van Starke reeds was vervallen.
Tot drie keer toe is een deurwaarder naar het opgegeven adres van Starke gegaan om haar een exploot te betekenen, maar zij werd telkens niet aangetroffen. Ook wanneer de politie het telefoonnummer belt, krijgen zij te horen dat zij verkeerd zijn verbonden. De redactie van De Snelle Pen heeft eveneens contact gezocht. Een vrouw nam op en verklaarde dat zij geen Starke is.
Die mevrouw is onvindbaar. Het opsporen van mensen is toch het werk van de politie?William Spalburg
Aandacht
Spalburg heeft de media opgezocht in de hoop dat er misschien iemand zou komen die zou zeggen: “Hé, ik ken deze mevrouw, ze woont hier of hier of hier.” De seniorenburger verwacht echter niet dat zij zelf zal reageren. Spalburg hoopt dat iemand uit de gemeenschap naar voren komt en zegt: “Ja, ik ken die persoon, ik ken dat voertuig, of ik weet waar zij verblijft.”
“Als zij eenmaal in beeld is,” zegt hij, “kan ik mijn advocaat zeggen: kijk, ze is daar. Dan kan er gericht gezocht worden.”
Spalburg wist zelf een adres te achterhalen en reed daarheen. Hij maakte foto’s van het voertuig dat op het perceel stond en overhandigde deze als bewijs aan de politie. Toen hij later terugkeerde, was het voertuig verdwenen.
“Maar stel dat ze wordt gevonden, wat dan?” vraagt hij zich af. “Dan stuur ik mijn advocaat en de deurwaarder erop af. Maar ze moet eerst gevonden worden. Heeft ze een officieel adres? Een werkgever?”
Exploot
Volgens de gedupeerde begint pas een nieuwe fase wanneer een deurwaardersexploot persoonlijk wordt overhandigd. “Dan kan ze niet meer ontkennen. Dan moet de politie optreden. Tot nu toe heb ik niet het gevoel dat zij zich verplicht voelen om haar op te sporen.” Het hele proces begon toen Spalburg bij de verzekering ging claimen. Hij kreeg een brief terug waarin stond dat er niet kon worden uitgekeerd, omdat de veroorzaker niet verzekerd was. Daarna ging hij opnieuw naar de politie. In het proces-verbaal stond duidelijk vermeld dat het voertuig onverzekerd was. “Hoe komt de politie aan die informatie?” vraagt Spalburg zich af. “Zij wisten dus dat ze niet verzekerd was, maar er is niets gedaan. Er is geen aanhouding geweest, geen boete, niets. Hoe kan dat?”
Hij werd doorverwezen naar het Waarborgfonds Motorverkeer. Daar kreeg hij te horen dat hij na zes maanden maximaal SRD 15.000 zou kunnen ontvangen. “Mijn schade is SRD 139.000,” zegt hij. “Met SRD 15.000 koop ik niet eens een koplamp.”
Daarop stapte Spalburg naar een advocaat. Zowel hijzelf als zijn advocaat schreven brieven aan de procureur-generaal, maar kregen geen inhoudelijke reactie.
Afwachten
Uiteindelijk ontving Spalburg een bericht waaruit bleek dat de politie contact had opgenomen met zijn advocaat, vermoedelijk op aanwijzing van de PG. Daar bleef het echter bij. Ook de minister van Justitie en Politie werd aangeschreven. “Ik verwacht niet dat hij mij persoonlijk antwoordt,” zegt Spalburg, “maar wel dat hij zijn mensen aan het werk zet.” Tot op heden heeft hij niets vernomen. Er ligt inmiddels een rechterlijk vonnis. “Alles ligt vast. Dit is niet verzonnen. Het is bewezen,” benadrukt hij. “Maar die mevrouw is onvindbaar. Ik ben een gewone burger. Het opsporen van mensen is toch het werk van de politie?”
Spalburg stelt dat als hij op het moment van de aanrijding had geweten dat de vrouw niet verzekerd was, hij anders had gehandeld. “Ik bleef rustig. Ik nam afstand. Ik ben aan de overkant van de straat gaan staan. De politie regelde alles.”De schade werd vastgelegd door een schade-expert, met foto’s en video’s. “Er is niets te ontkennen. Alles staat vast,” besluit hij. “Maar toch sta ik met lege handen.”