Meer dan ooit heeft het land een samenhangend en breed gedragen beleid nodig. De afgelopen decennia zijn bestuur, ontwikkelingsrichting en zwaarwichtige besluiten die in alle lagen van de samenleving enorme impact hebben, te vaak afhankelijk geweest van de koers van één politieke partij, één president of enkele ministers. Hierdoor wordt er beleid geformuleerd en uitgevoerd dat niet breed gedragen is en dat door grote delen van de gemeenschap als sociaal-maatschappelijk onrechtvaardig, onverstandig en onverantwoord wordt beschouwd.
Het gevolg is een versnipperd, instabiel en kortzichtig beleid waarin grote delen van de samenleving zich niet kunnen herkennen. Hierdoor wordt de kloof tussen politiek en samenleving steeds groter. Ook de kloof tussen rijk en arm neemt toe. Dit resulteert in een samenleving die haar regering en politici steeds meer wantrouwt en niet langer kan volgen. Het vertrouwen van de bevolking in de politiek en politieke leiders neemt af, wat leidt tot onbegrip en spanningen tussen bevolking en bestuur. Dit blijkt onder andere uit de verkiezingsnederlagen van de NDP in 2020 en de VHP in 2025, evenals uit de protesten van 17 februari 2022 en de uitjouwingen van de vorige president op verschillende momenten.
Een duurzaam beleid moet in overleg worden geformuleerd, uitgevoerd, geëvalueerd en bijgesteld door de regering, ter zake deskundigen en alle relevante maatschappelijke organisaties. Duurzaam beleid heeft pas kans van slagen wanneer het gebaseerd is op sociaal-maatschappelijke rechtvaardigheid en wanneer alle relevante groeperingen actief betrokken worden bij de besluitvorming.
Goed beleid begint met het streven naar rechtvaardigheid. Dit betekent dat er bij beleidskeuzes niet alleen gekeken moet worden naar economische groei, maar ook naar sociale gelijkheid en maatschappelijke balans. Kwetsbare groepen, zoals jongeren, ouderen, mensen met een beperking en bewoners van het binnenland, mogen niet structureel achterblijven. Een beleid dat niet breed gedragen wordt, verliest snel zijn legitimiteit en kan zelfs leiden tot maatschappelijke spanningen.
Te vaak wordt het Surinaamse beleid te sterk bepaald door toevallige politieke machtsverhoudingen. Vandaag voeren we VHP-beleid, morgen NDP-beleid. Wat ontbreekt, is een structureel, nationaal Surinaams beleid, los van partijpolitieke belangen. Dit vraagt om het wettelijk verplicht stellen van brede consultatieprocessen, waarbij burgers, vakbonden, ondernemers, religieuze organisaties, maatschappelijke groepen en deskundigen inspraak krijgen.
Belangrijke beleidsbeslissingen mogen niet enkel worden overgelaten aan een minister of president. Het idee dat een bewindsvoerder als een soort supermens of met een toverstok in zijn eentje richting kan geven aan nationale vraagstukken, is achterhaald. Voor elk cruciaal beleidsterrein zouden eerst hoorzittingen en congressen moeten worden georganiseerd, waarin specialisten en belanghebbenden hun visie delen. Op basis daarvan kan vervolgens een breed gedragen beleidsdocument worden opgesteld, dat richtinggevend is en voorkomt dat beleid afhankelijk wordt van de willekeur van één persoon of partij.
In dit model zijn ministers niet langer de bedenkers van beleid, maar managers en coördinatoren die de uitvoering begeleiden. Hun rol is ervoor te zorgen dat gemaakte afspraken en beleidsdocumenten worden nageleefd en geëvalueerd. Daarbij is wettelijke verankering noodzakelijk: duidelijke richtlijnen, transparante evaluatiecriteria en onafhankelijke controlemechanismen. Alleen zo kan worden gegarandeerd dat beleid duurzaam, consistent en rechtvaardig blijft.
De ontwikkeling van Suriname mag niet afhankelijk zijn van de politieke kleur die op dat moment regeert. Echte vooruitgang is pas mogelijk wanneer beleid wordt gezien als een nationaal project, waarin ook andersdenkenden hun bijdrage kunnen leveren. Juist in de diversiteit van ideeën en expertise ligt de kracht van Suriname. Een wettelijk verplicht participatieproces met inspraak van alle relevante groeperingen kan zorgen voor een stevig fundament waarop toekomstige generaties verder kunnen bouwen.
Suriname staat op een kruispunt
Het land kan niet blijven vasthouden aan partijpolitiek gestuurd beleid, met alle risico’s van verdeeldheid, kortzichtigheid en stagnatie. Er moet gekozen worden voor een nieuwe koers: een samenhangend, breed gedragen beleid dat sociaal-maatschappelijk rechtvaardig is en waarin iedere Surinamer zich kan herkennen. Dit kan alleen worden bereikt als wettelijk wordt vastgelegd dat regeringsbesluitvorming uitsluitend tot stand kan komen wanneer de regering in overleg treedt met vakbonden, deskundigen, het bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties, en hun standpunten en visies in beleid worden opgenomen.
De toekomst van Suriname hangt af van de bereidheid om macht te delen, deskundigheid te benutten en de samenleving als geheel te betrekken bij de opbouw van een rechtvaardige natie.
Ingezonden door: Derzinio Seedo
psycho-sociale counselor