Korpschef Isaacs motiveert rekruten Basis Politie Opleiding
Het Korps Politie Suriname (KPS) heeft een nieuwe generatie politiemannen en -vrouwen verwelkomd.
De groep cursisten van de Bachelor Politiekunde Inspecteursopleiding 2022–2024 van het Korps Politie Suriname (KPS) spreekt via de media uitspreken over hun rechtspositie. Aanleiding is de constatering dat collega’s in de rangen van agent van politie eerste klasse en brigadier van politie recentelijk zijn bevorderd, terwijl hun eigen – naar eigen zeggen – rechtmatige bevorderingen uitblijven. De cursisten geven aan dat er geen ruimte meer is voor open dialoog met de korpsleiding, waardoor zij zich genoodzaakt zien hun beklag via de media te uiten, ondanks dat dit normaal gesproken niet het geschikte platform is voor rechtspositionele aangelegenheden.
Start
In 2022 startte het KPS de Bachelor Politiekunde-opleiding voor inspecteurs van politie, waaraan 26 onderinspecteurs deelnamen. Tijdens de opleiding zijn enkele deelnemers reeds bevorderd tot inspecteur van politie derde klasse, op basis van bestuursrechtelijke bepalingen. Daarnaast is aan vijf onderinspecteurs uit deze groep door zowel de korpsleiding als de politievakbond toegezegd dat zij na succesvolle afronding van de opleiding eveneens tot inspecteur derde klasse zouden worden bevorderd. Deze toezegging is ook vastgelegd in artikel 9, lid 1 van de door beide partijen ondertekende opleidingsovereenkomst. In dit artikel staat onder meer: “De student verbindt zich ertoe om na het met goed gevolg voltooien van de opleiding en bij een gunstige beoordeling aangesteld te worden als inspecteur van politie derde klasse bij het Korps Politie Suriname.” De overeenkomst is ondertekend door de toenmalig waarnemend korpschef, commissaris van politie R. Kensen, die daartoe bij beschikking van 1 augustus 2022 gemachtigd was door de minister van Justitie en Politie, mr. K. Amoksi MSc.
Afronding
Na afronding van de opleiding heeft de groep meerdere gesprekken gevoerd met de korpsleiding, waaronder commissarissen Isaacs B., Akkal R., Pinas M. en Palmtak M. Tijdens deze gesprekken is aangegeven dat de bevorderingsprocedures reeds in behandeling waren. Toch is tot op heden geen enkele bevordering doorgevoerd. Integendeel: deze groep zou inmiddels al aanspraak moeten kunnen maken op een volgende bevorderingsstap, namelijk tot inspecteur van politie tweede klasse, conform het reguliere bevorderingstraject. Voor de Bachelor Politiekunde-opleiding geldt echter een afwijkend, wettelijk vastgesteld traject, waarin na afronding van een Management Development (MD)-programma bevordering mogelijk is.
Tijdens overleg met minister Amoksi gaf deze aan voorstander te zijn van bevordering tot inspecteur tweede klasse voorafgaand aan het MD-traject, mits voldaan wordt aan de wettelijke vereisten. De minister zou hierover ook overleg hebben gevoerd met de korpsleiding. Desondanks is door korpschef Isaacs B. besloten om af te wijken van deze lijn, en wordt aan de groep geen bevordering toegekend. In plaats daarvan werd een MD-traject in het vooruitzicht gesteld, waaraan een eventuele bevordering gekoppeld zou worden. Echter is ook dit MD-traject tot op heden niet van start gegaan. Volgens de korpschef zou er overleg zijn geweest met de president en de minister, maar hierover is nimmer terugkoppeling gegeven aan de betrokken groep. Pogingen om via brieven de president te bereiken zijn vruchteloos gebleken; gesprekken met de korpsleiding hebben geen gehoor gevonden. De groep kwalificeert het huidige leiderschap als autoritair.
Opvallend is dat inmiddels wel een groep agenten eerste klasse is bevorderd tot brigadier van politie. Daarnaast zijn brigadiers die deelnemen aan de kaderopleiding op weg naar bevordering tot majoor van politie. Tevens zijn cursisten van de reguliere inspecteursopleiding reeds bevorderd tot inspecteur van politie derde klasse, ondanks dat zij nog niet in het bezit zijn van een diploma. Dit staat in schril contrast met de Bachelor Politiekunde-cursisten die hun opleiding succesvol hebben afgerond en een erkend diploma bezitten.
De groep benadrukt dat zij niet tegen de bevordering van andere korpsleden is, maar vraagt zich af op basis waarvan bevorderingen plaatsvinden, en hoe eerlijk dit proces verloopt. Volgens hen is sprake van willekeur en machtsmisbruik. Bovendien herinnert de groep eraan dat leden van de huidige korpsleiding in 2013 zelf een Bachelor Politiekunde-opleiding hebben gevolgd en zonder MD-traject zijn bevorderd.
Als Hulp Officieren van Justitie geven de afgestudeerden aan dat zij zich ontmoedigd voelen doordat zij, ondanks het behalen van hun diploma en het voldoen aan alle voorwaarden, geen gelijke kansen krijgen op carrièreontwikkeling binnen het korps. Zij roepen de bevoegde autoriteiten dringend op om alsnog over te gaan tot hun rechtmatige bevordering.