Al drieëndertig jaar staat Lucia Boldewijn met hart en ziel voor de klas. Honderden kinderen zijn door haar handen gegaan, van hun eerste wankele letters tot vloeiende zinnen en rekenkundige trots. Toch werd de vrouw die door velen liefkozend “Ma” wordt genoemd, onlangs op sociale media hard aangepakt. Ze zou kinderen pesten. “Dat doet pijn,” zegt ze zacht. “Want ik heb altijd alleen maar geprobeerd kinderen te vormen, niet te breken.” Lucia gaat volgend jaar met pensioen.
Lucia is geen onbekende in het onderwijsveld. Sinds 1992 werkte ze op verschillende scholen in Coronie – en vanaf 1998 op OS Marwowijnestraat 2 en zeven jaar later op OS Marowijne 1 in Paramaribo. Thans verbonden aan OS Maretraite. “Ik kwam in de stad nadat een boom in Coronie op mijn dienstwoning was gevallen,” vertelt ze met een wrange glimlach. “Maar wat er ook gebeurde, ik heb mijn werk altijd met liefde gedaan. Onderwijs is geen baan, het is een roeping,” zegt ze vastberaden in een interview met De Snelle Pen.
Twee dingen zijn belangrijk bij mij. Je gedrag en je prestatie Lucia boldewijn
Streng
Wie met oud-leerlingen van “Ma Lucia” praat, hoort vaak hetzelfde: streng, consequent, maar rechtvaardig. “Twee dingen zijn belangrijk bij mij,” zegt ze beslist. “Je gedrag en je prestatie. Dat was altijd mijn slogan.”
Ze gelooft in discipline, maar ook in menselijkheid. “Ik voel me niet te groot om sorry te zeggen tegen een kind. Als ik merk dat iets niet goed overkwam, praat ik erover. Je leert kinderen niet alleen lezen en rekenen, je leert ze mens zijn.”
Toch kreeg ze in haar loopbaan ook met weerstand te maken. “Sommige collega’s vonden me te streng. Anderen probeerden me in een kwaad daglicht te stellen. Maar ik weet wat ik heb gedaan – met een rein geweten. Ik heb kinderen geholpen om beter te worden, niet om bang te zijn.”
Kordaat
Ze vertelt hoe ze situaties meemaakte die verder gingen dan het klaslokaal. Een kind dat flauw viel in de klas – en later bleek dat het wodka in haar thermos had. In hetzelfde gezin probeerde een kind azijn te drinken na een uitdaging van een klasgenoot. “Ik heb meteen de politie en ambulance gebeld. Je moet als leerkracht alert zijn. Je ziet dingen die ouders niet altijd merken. En soms ben jij de enige die kan ingrijpen.”
Dankbaar
Lucia’s woorden vloeien als ze over haar oud-leerlingen praat. “Ik zie ze nu terug op universiteit, bij Unasat, als volwassen mensen. Dan weet ik: mijn werk heeft vrucht gedragen. Ik heb gezaaid, en er is iets moois gegroeid.” Dat ze “Ma” wordt genoemd – door leerlingen, collega’s, zelfs bij haar bijbaan in het protocol – vindt ze een eer. “Een inspecteur zei ooit: een kind noemt iemand niet zomaar ‘mama’. Dat doe je alleen als je vertrouwen voelt.” Ze beseft dat ze niet perfect is. “We maken allemaal fouten. Ik ook. Maar ik ben nooit iemand geweest die kinderen wilde kleineren. Wat ik niet wil dat men mij aandoet, doe ik een ander ook niet aan.”
Ondanks de storm op sociale media blijft Lucia rechtop staan. “Ze mogen praten. Ik weet wat ik heb gegeven aan het Surinaamse kind. Ik heb mijn roeping vervuld, en ik zal dat blijven doen zolang ik adem heb.” Haar stem wordt zachter, maar vastberaden. “Gratis overgaan bestaat bij mij niet. Ik wil eerlijke groei. Want het kind is een onbeschreven blad, en jij als leerkracht bent de pen die erop schrijft. Wat jij schrijft, blijft voor altijd.”