Tweede inspecteur genoemd in sekskwestie met rekruten
Naast inspecteur, P, wordt ook een tweede inspecteur, K, genoemd in verband met een sekskwestie waarbij rekruten betrokken zouden zijn.
De kwestie kwam ter sprake tijdens een gesprek met De Snelle Pen, nadat berichten zouden zijn verschenen over de inspecteur en vermeend seksueel contact met een rekruut. WP benadrukt dat hij nooit als instructeur betrokken is geweest bij de opleiding van de betreffende rekruten. Volgens hem waren andere inspecteurs door de korpschef aangewezen om zich met de opleiding bezig te houden. Hij zegt zelf belast te zijn geweest met straatdienst en zich niet met de opleiding te hebben bemoeid. “De naam van een tweede inspecteur wordt ook genoemd in dit alles. Waarom mag hij zijn werkzaamheden wel door uitvoeren.”
Volgens WP is het daarom voor hem onbegrijpelijk dat zijn naam in verband wordt gebracht met vermeend seksueel contact met rekruten. “Ik ben nooit instructeur geweest. Nooit”, stelt hij. Hij zegt dat de betrokken inspecteurs bij de opleiding waren aangewezen door de korpschef en dat hij daar geen bemoeienis mee had..WP zegt dat hij inmiddels heeft vernomen dat er meerdere rekruten betrokken waren en dat, indien iemand beweert dat hij een intieme relatie met een rekruut heeft gehad, die persoon volgens hem concreet moet aangeven wie, wanneer en waar. “Laat ze naar voren komen”, is zijn boodschap. Volgens hem moeten er feiten zijn voordat een onderzoek op basis van de beschuldigingen kan worden ingesteld.
De inspecteur zegt dat hij de kwestie niet zomaar naast zich wil neerleggen, juist omdat volgens hem zijn reputatie wordt beschadigd. Hij stelt dat hij inmiddels heeft aangegeven dat hij duidelijkheid wil over de oorsprong van de beschuldigingen. Volgens WP heeft hij ook met leidinggevenden hierover gesproken en gevraagd wat precies de aanleiding is voor de geruchten. Hij zegt echter dat hij niet bereid is om uitsluitend op basis van geruchten conclusies te trekken. “Je bent politie, maar er moeten feiten zijn”, aldus WP.
WP zegt daarnaast dat hij momenteel ter beschikking is gesteld van de korpschef. Hij ontkent dat dit betekent dat hij buiten functie is gesteld. Volgens hem ontvangt hij vanuit de leiding opdrachten en voert hij werkzaamheden uit die rechtstreeks onder de korpschef vallen. Hij zegt dat hij zelf aan de korpschef heeft gevraagd waarom hij dichter bij diens leiding is geplaatst, maar dat daarop geen duidelijke verklaring is gegeven. De inspecteur stelt dat hij gewoon blijft werken en dat hij niet formeel uit zijn functie is ontheven.
Tijdens het interview kwam ook de vraag aan de orde of een relatie tussen een politiefunctionaris en een volwassen rekruut automatisch strafbaar zou zijn. WP maakte daarbij een onderscheid tussen twee volwassen personen die buiten werktijd vrijwillig contact met elkaar hebben en situaties waarin sprake zou zijn van dwang, misbruik van positie of andere strafbare omstandigheden. De discussie over een mogelijke machtsverhouding staat daarmee los van de vraag die vooralsnog centraal staat: heeft er daadwerkelijk seksueel contact tussen WP en een rekruut plaatsgevonden? WP zegt van niet.
Hij stelt bovendien dat hij nooit heeft gezegd dat een volwassen politieman of -vrouw geen relatie mag hebben met een andere volwassen persoon. Volgens hem moet worden vastgesteld onder welke omstandigheden eventueel contact heeft plaatsgevonden voordat daar juridische conclusies aan worden verbonden.
De inspecteur zegt dat hij weet uit welke hoek de berichten volgens hem afkomstig zijn. Hij verwijst daarbij naar een persoon met wie hij eerder een juridisch conflict zou hebben gehad. Ook stelt hij dat er volgens hem eerder meldingen en zaken tegen deze persoon zijn geweest. Die beweringen zijn echter onderdeel van het relaas van WP. WP zegt dat, als iemand een concrete beschuldiging tegen hem heeft, hij bereid is die te laten onderzoeken.
Voor WP gaat de kwestie uiteindelijk vooral om zijn reputatie. Hij zegt dat hij zijn naam en loopbaan niet zomaar wil laten beschadigen door wat hij omschrijft als geruchten. Daarom wil hij dat eventuele beschuldigingen concreet worden gemaakt. “Wanneer, waar en hoe?” is volgens hem de kern van de zaak. Vooralsnog blijft daarmee een belangrijk onderscheid overeind: er circuleren beweringen over mogelijk seksueel contact tussen een inspecteur en een rekruut, terwijl WP dit categorisch ontkent.