Atompai en Hellings hebben 26.9 procent bijgedragen aan stemmen NPS, dat is 1,6 zetel
De Nationale Partij Suriname (NPS) heeft bij de recente verkiezingen in totaal 31.125 stemmen behaald, goed voor zes zetels in De Nationale Assemblée.
1. Wie bent u als u niet in De Nationale Assemblée zit?
“Ik ben, los van politicus, ook social worker en ondernemer. Naast mijn werk als volksvertegenwoordiger ben ik bezig met het initiëren van sociale projecten of ben ik actief binnen de bedrijven. Wanneer er geen vergaderingen zijn van DNA, ga ik het veld in: praten met mensen en problemen in verschillende gebieden inventariseren. Het is goed om zelf de problemen te ervaren. Dan heb je een beter beeld. Haast elk weekend en zelfs door de week bezoek ik een gebied.”
2. Waarom koos u ervoor om de politiek in te gaan en parlementariër te worden?
“Ik koos ervoor de politiek in te gaan omdat ik mij altijd betrokken heb gevoeld bij de samenleving en zag dat veel zaken beter kunnen. Ik wilde niet langs de zijlijn blijven staan, maar verantwoordelijkheid nemen en daadwerkelijk iets betekenen voor mensen. Als parlementariër tracht ik een stem te zijn voor de samenleving, te luisteren naar de problemen van mensen en mee te werken aan oplossingen. Voor mij gaat politiek daarom vooral om dienstbaarheid, verantwoordelijkheid en het verbeteren van de samenleving.”
Als ik morgen geen parlementariër meer zou zijn, hoop ik dat de samenleving mij herinnert om mijn eerlijkheid, oprechtheid, openheid en transparantieIvanildo Plein
3. Wat was uw belangrijkste belofte aan de kiezer en in hoeverre heeft u die al kunnen waarmaken?
“Mijn belangrijkste belofte aan de kiezer was dat ik luister naar de samenleving en mij inzet voor concrete verbetering van het dagelijks leven van mensen. Die belofte probeer ik waar te maken door mij in het parlement kritisch op te stellen, problemen van burgers aan te kaarten en mee te werken aan oplossingen. Ik ben er nog niet waar ik wil zijn, maar ik kan met overtuiging zeggen dat ik mijn belofte serieus neem. Voor mij is volksvertegenwoordiger zijn geen eindpunt, maar een voortdurende verantwoordelijkheid tegenover de kiezer. Tijdens de verkiezing heb ik mij sterk gemaakt voor een belangrijke leuze: One Nation. Waarom? Omdat alleen door te binden en te verbinden met elkaar, wij ons land Suriname tot grote hoogten kunnen brengen. Vandaar dat ik geen scheidslijnen ken tussen bevolkingsgroepen en religies/geloofsovertuigingen. Verder heb ik mij vóór de verkiezingen sterk gemaakt voor armoedebestrijding en het voorkomen daarvan. Ook onderwijs, met name voor vroege schoolverlaters, verdient aandacht. Zij behoeven nog een kans, bijvoorbeeld via de zogenoemde Bigi Sma Skoro, maar ook via verkorte opleidingen voor de eenvoudige bouwvakker. Verder ligt ondernemerschap dicht bij het hart. Ik kom uit een ondernemersfamilie. Dus kan het niet anders. Ondernemerschap betekent niet alleen geld maken, maar leert je ook innovatief te zijn en steeds in actie te komen. Ook de jeugd en jongeren verdienen bijzondere aandacht. Daar lever ik ook mijn bijdrage aan om het jonge individu op het rechte pad te houden. De seniorenburgers verdienen beter. Daarom tracht ik ook vaak mijn bijdrage te leveren om hen te verheffen. Ze hebben het al moeilijk genoeg.”
4. Welk probleem in Suriname raakt u persoonlijk het meest en waarom?
“Wat mij persoonlijk het meest raakt, is dat mijn landgenoten anno 2026, in een land met zoveel natuurlijke rijkdommen, nog steeds in armoede leven. Dat is niet normaal en mag ook niet normaal worden gevonden. Door jarenlang slecht beleid, verkeerde keuzes en verkeerde prioriteiten is de kloof tussen arm en rijk veel te groot geworden. Onze rijkdommen moeten niet alleen op papier bestaan; ze moeten voelbaar zijn in het dagelijks leven van iedere Surinamer.”
5. Over welke politieke beslissing van uw eigen partij heeft u weleens twijfels gehad?
“Binnen de NPS worden besluiten trapsgewijs en democratisch genomen: vanuit de basis naar boven, waarbij de meerderheid beslist. Als ik het ergens niet mee eens ben, spreek ik dat direct uit vóór de besluitvorming. Ik ben niet iemand die achteraf gaat klagen. Wanneer de meerderheid een besluit neemt, schaar ik mij daar als waarachtige democraat achter. Over de besluiten die tot nu toe zijn genomen, kan ik mij in redelijke mate terugvinden. Dat betekent echter niet dat besluiten nooit mogen worden herzien. Als omstandigheden veranderen of gemaakte afspraken niet worden nagekomen, moeten we de moed hebben om terug te kijken, bij te sturen en indien nodig een eerder besluit te heroverwegen. Daar sta ik volledig voor open.”
6. Wat vindt u dat de samenleving verkeerd begrijpt over het werk van een parlementariër?
“Veel mensen denken dat het werk van een parlementariër vooral bestaat uit vergaderen. Maar dat is slechts een deel van het werk. De Grondwet geeft De Nationale Assemblée belangrijke taken: het volk vertegenwoordigen, wetten behandelen en goedkeuren, het beleid van de regering controleren en de begroting goedkeuren. Daarbuiten is er veel veldwerk: luisteren naar mensen, gesprekken voeren met gemeenschappen, problemen signaleren en die meenemen naar het parlement. Je krijgt ook persoonlijke hulpvragen en verzoeken om sociale initiatieven te ondersteunen. Hoewel het oplossen van privéproblemen formeel niet tot de taak van een parlementariër behoort, verwachten mensen vaak dat je toch helpt zoeken naar een oplossing. Het parlementaire werk stopt dus niet bij de vergadertafel. Een goede volksvertegenwoordiger moet midden in de samenleving staan, luisteren, signaleren, controleren en waar mogelijk verbinden en helpen.”
7. Heeft u weleens in de Assemblee gezwegen terwijl u eigenlijk iets anders wilde zeggen? Wat hield u tegen?
“Neen.”
8. Welke fout heeft u als politicus gemaakt waarvan u het meest heeft geleerd?
“Tot nu toe moet ik zeggen dat ik denk dat ik geen fout heb gemaakt. Maar ik denk dat de samenleving het best daarover kan oordelen of een uitspraak kan doen.”
9. Als u morgen geen parlementariër meer zou zijn, waar wilt u dan dat de samenleving u om herinnert?
“Als ik morgen geen parlementariër meer zou zijn, hoop ik dat de samenleving mij herinnert om mijn eerlijkheid, oprechtheid, openheid en transparantie. Ook om de wijze waarop ik leiding heb gegeven aan verschillende instituten en instanties, maar vooral om de bijdrage die ik vanuit de basis aan de samenleving heb geleverd. Uiteindelijk hoop ik herinnerd te worden als iemand die niet alleen sprak over de samenleving, maar er daadwerkelijk voor heeft gewerkt.”
10. Welke vraag zou u willen dat de kiezer ú stelt, maar die u volgens u te weinig krijgt?
“Hahaha. Dat is een moeilijke vraag om te beantwoorden. De kiezer mag alle vragen stellen, omdat ik tot een publieke functionaris behoor. En behoren tot die groep mag niets verscholen blijven. Als ik niet wil dat mensen mij vragen stellen, dan moest ik niet voor een publieke functie hebben gekozen. Ef’ yu no lob’ odi odi, dan yu no bem mus bow yu oso na sey strati fu sma sji yu.
Dus alle vragen zijn welkom.”