Suriname is bezig zijn financiële sector voor te bereiden op een periode waarin grote geldstromen uit de olie-industrie het land binnenkomen. President Jennifer Simons zegt dat daarvoor niet alleen aanpassing van wetgeving nodig is, maar ook internationale deskundigheid en sterke financiële contacten. Tijdens de regeringspersconferentie gaf Simons aan dat zij samen met de minister van Financiën en deskundigen gesprekken heeft gevoerd met vertegenwoordigers van Bank of America. Volgens haar is daarbij onder meer gekeken naar de huidige stand van het Surinaamse financiële systeem en de veranderingen die nodig zijn om het land beter te beschermen tegen risico’s die gepaard gaan met grote internationale geldstromen. Simons benadrukte dat Suriname zijn bankwetgeving moet afstemmen op de nieuwe economische werkelijkheid en zich als land voldoende moet indekken en beschermen. “We moeten met ons banking system gaan naar een tijd waar er groot geld in Suriname gaaVolgens de president is inmiddels een belangrijke verbinding tussen Suriname en Bank of America gelegd. Die internationale samenwerking moet volgens haar een rol gaan spelen in het verdere werk van de regering.
Kennis oliesector versterken
Naast de financiële sector richt de regering zich op het versterken van haar eigen kennis over de olie- en gassector. Simons zei dat Suriname daarvoor ook gebruik wil maken van onafhankelijke internationale deskundigheid. Volgens de president beschikt Staatsolie over veel expertise, maar moet de staat daarnaast zelf over voldoende kennis en objectieve externe informatie beschikken om ontwikkelingen binnen het staatsbedrijf en de oliesector goed te kunnen beoordelen. “De staat moet ook deskundigheid kunnen hebben en advies kunnen geven, zodat er echt een geïntegreerde benadering van onze oliesector is”, aldus Simons. De president verwees daarbij naar de ontwikkelingen rond Blok 58 en de gasvondsten in Blok 52. Volgens haar zijn er aanwijzingen dat er mogelijk nog meer olie en gas kan worden gevonden.
Noorse expertise
Tijdens de gesprekken is volgens Simons eveneens contact geweest met een Noors oliebedrijf dat de sector ondersteunt. De regering wil daarmee toegang krijgen tot kennis en informatie die kan worden gebruikt bij de verdere ontwikkeling van de Surinaamse oliesector. Simons maakte duidelijk dat Suriname zich volgens haar niet uitsluitend moet baseren op informatie van Staatsolie, maar ook vanuit de overheid zelf een onafhankelijke en deskundige positie moet kunnen innemen.
Goudsector en mogelijke lekkage
Simons bevestigde dat zij ook informatie over een mogelijke lekkage heeft ontvangen, maar zei dat de details en het bewijs nog niet aan haar waren verstrekt. Volgens de president zijn er twee bedrijven in het betreffende gebied actief, waaronder Grassalco. Zij kon nog niet bevestigen welk bedrijf verantwoordelijk zou zijn of onder welke overeenkomst de activiteiten plaatsvinden. Wel stelde Simons dat degene die de situatie niet op correcte wijze heeft aangepakt, zal worden aangesproken om bij te dragen aan de gevolgen ervan. De regering wil met internationale financiële en technische expertise de positie van Suriname versterken in aanloop naar een periode waarin olie- en gasinkomsten een veel grotere rol kunnen spelen in de economie.